Welke soorten zorginstellingen zijn er in Nederland?

In Nederland zijn er verschillende soorten zorginstellingen die elk hun eigen rol vervullen binnen het zorgstelsel. De belangrijkste categorieën zijn curatieve zorg (zoals ziekenhuizen), langdurige zorg (verpleeghuizen en gehandicaptenzorg), geestelijke gezondheidszorg (GGZ), en eerstelijnszorg (huisartsen en thuiszorg). Deze zorginstellingen werken samen om passende zorg te bieden, van preventie tot intensieve behandeling en langdurige ondersteuning. Het Nederlandse zorgstelsel kent daarnaast een onderscheid tussen intramurale en extramurale zorg, afhankelijk van waar de zorg wordt verleend.

Welke hoofdcategorieën zorginstellingen bestaan er in Nederland?

Het Nederlandse zorgstelsel kent vier hoofdcategorieën zorginstellingen. Curatieve zorg omvat ziekenhuizen en gespecialiseerde behandelcentra die zich richten op acute en planbare medische behandelingen. Langdurige zorg bestaat uit verpleeghuizen en instellingen voor gehandicaptenzorg die continue ondersteuning bieden. Geestelijke gezondheidszorg (GGZ) richt zich op psychische problematiek, en eerstelijnszorg vormt de toegangspoort tot het zorgstelsel met huisartsen, fysiotherapeuten en thuiszorgorganisaties.

Deze categorieën verhouden zich tot elkaar als schakels in een keten. De eerstelijnszorg fungeert als poortwachter: huisartsen verwijzen door naar specialistische zorg wanneer dat nodig is. Ziekenhuizen leveren curatieve zorg en sturen patiënten na behandeling terug naar de eerstelijn of door naar langdurige zorg wanneer blijvende ondersteuning nodig is.

De GGZ neemt een bijzondere positie in omdat deze zowel in de eerste lijn (basis-GGZ via huisartsen en POH-GGZ) als in de tweede lijn (gespecialiseerde GGZ-instellingen) wordt aangeboden. Langdurige zorg komt in beeld wanneer iemand permanent of voor lange tijd intensieve zorg nodig heeft die niet thuis of ambulant kan worden geboden.

Thuiszorgorganisaties vervullen een verbindende rol tussen deze categorieën. Ze bieden zowel eerstelijnszorg aan huis als ondersteuning na ziekenhuisopname, waardoor mensen langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Deze samenwerking tussen verschillende zorginstellingen zorgt voor continuïteit in de zorgverlening.

Wat is het verschil tussen intramurale en extramurale zorg?

Intramurale zorg betekent dat een cliënt verblijft in een zorginstelling zoals een ziekenhuis, verpleeghuis of GGZ-kliniek. De zorg wordt binnen de muren van de instelling geleverd, vaak 24 uur per dag. Extramurale zorg daarentegen wordt thuis of ambulant verleend, waarbij de cliënt in de eigen woonomgeving blijft. Dit omvat thuiszorg, dagbehandeling en poliklinische zorg.

Het onderscheid is van belang voor de financiering en organisatie van zorg. Intramurale zorginstellingen bieden naast medische zorg ook huisvesting en verzorging. Denk aan verpleeghuizen waar ouderen permanent wonen en rondeklokverzorging ontvangen, of psychiatrische klinieken waar patiënten tijdelijk verblijven voor intensieve behandeling.

Extramurale zorg kent verschillende vormen. Thuiszorgorganisaties bezoeken cliënten thuis voor persoonlijke verzorging, verpleging of huishoudelijke hulp. Dagbehandelcentra bieden overdag zorg en activiteiten, waarna cliënten ’s avonds naar huis gaan. Ambulante GGZ-behandeling vindt plaats op een praktijklocatie zonder dat de cliënt daar verblijft.

De grens tussen beide vormen vervaagt soms. Sommige zorginstellingen bieden zowel intramurale als extramurale zorg aan. Een verpleeghuis kan naast vaste bewoners ook dagbehandeling of thuiszorg verzorgen. Ziekenhuizen leveren naast klinische opnames ook poliklinische en thuiszorg via gespecialiseerde teams.

De keuze tussen intramurale en extramurale zorg hangt af van de zorgbehoefte, de thuissituatie en de beschikbaarheid van mantelzorg. Extramurale zorg heeft de voorkeur wanneer de situatie dat toelaat, omdat mensen dan in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven.

Welke zorginstellingen vallen onder de wet langdurige zorg (Wlz)?

Onder de Wet langdurige zorg (Wlz) vallen zorginstellingen die permanent of langdurig intensieve zorg verlenen aan mensen met complexe zorgbehoeften. Dit zijn verpleeghuizen voor ouderenzorg, instellingen voor mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking, instellingen voor langdurige GGZ-zorg, en forensische zorginstellingen. Deze instellingen bieden 24-uurs zorg en begeleiding aan cliënten die niet zelfstandig kunnen functioneren.

Verpleeghuizen vormen de grootste groep Wlz-zorginstellingen. Ze bieden zorg aan ouderen met dementie, complexe somatische aandoeningen of een combinatie daarvan. De zorg omvat verpleging, verzorging, begeleiding en behandeling. Veel verpleeghuizen zijn georganiseerd in kleinschalige woonvormen die een huiselijke sfeer nastreven.

Instellingen voor gehandicaptenzorg ondersteunen mensen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking die levenslang intensieve begeleiding nodig hebben. De zorg varieert van lichte begeleiding bij wonen tot volledige verzorging en behandeling. Deze instellingen richten zich op het bevorderen van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie binnen de mogelijkheden van de cliënt.

Langdurige GGZ-instellingen bieden beschermd wonen en intensieve behandeling aan mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen die langdurige ondersteuning nodig hebben. Forensische zorginstellingen combineren behandeling met beveiliging voor mensen die zorg nodig hebben na een strafbaar feit.

De Wlz-zorg kenmerkt zich door de intensiteit en het permanente karakter. Cliënten hebben vaak meerdere complexe problemen die geïntegreerde zorg vragen. Zorginstellingen binnen de Wlz werken daarom multidisciplinair met artsen, verpleegkundigen, verzorgenden, psychologen en begeleiders.

Hoe verschilt de organisatiestructuur tussen verschillende zorginstellingen?

De organisatiestructuur van zorginstellingen varieert sterk afhankelijk van de omvang, het type zorg en de doelgroep. Grote ziekenhuizen kennen complexe hiërarchieën met medische staven, management en ondersteunende diensten. Kleinere thuiszorgorganisaties werken vaak met plattere structuren waarin teams meer autonomie hebben. Zelfstandige behandelcentra (ZBC’s) zijn compact georganiseerd rondom specifieke behandelingen, terwijl regionale samenwerkingsverbanden een netwerkstructuur hebben.

Ziekenhuizen hebben traditioneel een dubbele hiërarchie met enerzijds het medisch specialistische domein en anderzijds het management. Specialisten zijn georganiseerd in medische afdelingen met hoofden en staven die verantwoordelijk zijn voor de medische kwaliteit. Daarnaast is er een managementstructuur met een raad van bestuur, directeuren en afdelingsmanagers die de bedrijfsvoering aansturen. Deze structuur zorgt voor checks and balances maar kan ook besluiten vertragen.

Thuiszorgorganisaties kiezen vaak voor een plattere organisatiestructuur met zelfsturende teams. Wijkteams krijgen verantwoordelijkheid voor hun eigen werkgebied en kunnen snel schakelen. Dit past bij de flexibiliteit die nodig is in de thuiszorg, waar de zorgvraag per cliënt verschilt en snel kan veranderen. De afstand tussen uitvoering en management is kleiner, wat snellere besluitvorming mogelijk maakt.

Zelfstandige behandelcentra zijn gestroomlijnd georganiseerd rondom een specifieke behandeling of aandoening. Ze hebben minder overhead en kunnen daardoor efficiënter werken. De structuur is functioneel ingericht met korte lijnen tussen behandelaren, planning en ondersteuning.

Regionale samenwerkingsverbanden zoals zorgketens of netwerken hebben een andere structuur. Verschillende zelfstandige organisaties werken samen met behoud van eigen identiteit. De samenwerking wordt gecoördineerd via overlegstructuren en gezamenlijke afspraken. Dit vraagt om goede afstemming maar maakt het mogelijk om complementaire expertise te combineren.

De organisatiestructuur beïnvloedt hoe zorginstellingen werken. Complexe structuren bieden stabiliteit en waarborgen maar kunnen minder wendbaar zijn. Platte structuren zijn flexibel maar vragen meer van de zelfsturing van teams. Welke structuur het beste werkt, hangt af van het type zorg, de omvang en de omgeving waarin de zorginstelling opereert. Voor meer informatie over specifieke zorginstellingen kunt u contact met ons opnemen.

Nieuwsbrief? Meld je aan.

Maandelijks in je inbox